Course Content
Module 1: Wat is Racisme?
Racisme is overal aanwezig, maar wat betekent het precies? In deze module ontdek je hoe racisme ontstaat en leer je de verschillende vormen herkennen. Door middel van voorbeelden uit het dagelijkse leven krijg je meer inzicht in dit belangrijke thema.
0/6
Module 2: Institutioneel racisme
Racisme is niet altijd luid, zichtbaar of bewust. Soms zit het stil verweven in de structuren van onze samenleving — in scholen, op de werkvloer, bij de politie, in overheidsdiensten en zelfs in wetten of beleidsregels. In dit module gaan we dieper in institutioneel racisme.
0/5
Module 3: Anti racisme
In deze module zetten we de stap van begrijpen naar handelen: we gaan het hebben over antiracisme. Wat betekent het om antiracist te zijn? En hoe kan je actief bijdragen aan een samenleving waarin iedereen gelijke kansen krijgt, ongeacht afkomst, huidskleur of achtergrond?
0/8
Module 4: Aan de slag als jeugdwerker tegen racisme
Deze extra module is speciaal ontwikkeld voor jeugdwerkers, begeleiders en vormingsverantwoordelijken die met jongeren aan de slag gaan rond racisme, discriminatie en inclusie. Na het doorlopen van de MOOC heb je als begeleider al een stevige basis. In deze module bieden we je extra tools en inspiratie om structureel en duurzaam te werken aan een antiracistische praktijk in het jeugdwerk.
0/4
Samen tegen racisme

In de vorige oefening daagden we je bewust uit om te denken in stereotypen en vooroordelen. De kans is groot dat je dit ook effectief gedaan hebt – en dat is helemaal normaal. Hoe graag we het ook anders zouden willen, we hebben ze allemaal. Stereotypen zijn namelijk een manier waarop ons brein omgaat met een complexe wereld: het ordent informatie, categoriseert mensen en probeert snel betekenis te geven aan wat we zien of horen. Dat helpt ons om snel te reageren, maar als het over mensen of groepen gaat, kan dat proces ook misleidend zijn.

Een stereotype is een gegeneraliseerd beeld over een bepaalde groep mensen. Je kent er vast wel een paar: Duitsers zijn altijd stipt, vrouwen kunnen niet goed autorijden, jongeren zijn lui, ambtenaren zijn corrupt… en laten we nog niet beginnen over horoscopen. Door mensen in te delen op basis van beroep, gender, afkomst, leeftijd of nationaliteit vereenvoudigen we de realiteit. Maar dat doen we vaak zonder dat we het beseffen.

Waar komen die stereotypen vandaan?

Soms zijn ze gebaseerd op persoonlijke ervaringen (bijvoorbeeld: “mijn moeder rijdt slecht, dus vrouwen kunnen niet autorijden”). Andere keren nemen we ze over uit onze omgeving: familie (een grootvader die zegt dat je Roma niet kunt vertrouwen), media (een tv-presentator die homomannen belachelijk maakt), of zelfs op school (een leerkracht die vertelt dat een bepaald volk ‘slecht’ was tijdens een oorlog). Soms lijken ze zelfs gebaseerd op ‘wetenschap’, zoals onderzoeken die zeggen dat 70% van de jongeren niet geïnteresseerd is in politiek – maar dat betekent niet dat jij als jongere automatisch in die 70% zit.

De formule van een stereotype is simpel:
“Zij (allemaal) zijn zo.”

We nemen dus iets dat we gezien, gehoord of gelezen hebben over één persoon, en plakken dat beeld op een hele groep. Als één vrouw slecht rijdt, dan zouden volgens het stereotype alle vrouwen dat doen.

Wat is het verschil met vooroordelen?

Vooroordelen ontstaan wanneer we die stereotypen beginnen toepassen op mensen die we niet eens kennen. Bijvoorbeeld: je ontmoet iemand voor het eerst. Wat zie je? Een jonge vrouw met donkere huid, gekleed in traditionele Afrikaanse kledij. Je brein maakt meteen allerlei links: “Ze is jong, dus misschien ongeïnteresseerd in politiek.” “Ze is Afrikaans, dus waarschijnlijk niet goed geïntegreerd.” “Ze is vrouw, dus…” — je ziet hoe snel we dingen invullen.

Dit proces is vaak zo automatisch dat het moeilijk is om het verschil te maken tussen wat je echt weet van iemand en wat je denkt te weten.

Stereotypen zijn hardnekkig – en vaak onbewust.

Je raakt ze niet zomaar kwijt. Wat wél kan, is jezelf trainen om je er bewust van te worden. Want het is pas als we onze vooroordelen herkennen, dat we ze niet meer laten doorwegen in onze beslissingen of houding tegenover anderen.

Wist je dat we vaker negatieve vooroordelen hebben over groepen waar we zelf niet toe behoren?
Door “de ander” in een negatief daglicht te stellen, voelen we onszelf of onze eigen groep vaak superieur. Net daar ontstaat het gevaar. Het is ook een belangrijke bron van racisme: denken dat “wij” beter zijn dan “zij”.